Meer uit de periode 1980-2000

Amsterdam bestrijdt drugs- problemen met methadon, spuitomruil en respectvolle schadebeperking voor kwetsbare gebruikers.

De strijd tegen drugs

In de jaren ’80 werd Amsterdam geconfronteerd met de opkomst van aids. De GG&GD stond vooraan in de strijd tegen deze onbekende en dodelijke ziekte. Met voorlichting over veilig vrijen, samenwerking met de homogemeenschap en baanbrekend onderzoek wist de GGD een verschil te maken.

De strijd tegen aids

In 1987 was Amsterdam de eerste stad in Nederland
met wettelijke regels voor tatoeëren en piercen.

Het pand van Tattoo Peter aan de Nieuwebrugsteeg in het Wallengebied.

Henk Schiffmacher (2e links) voor zijn pand aan de Centuurbaan.

Een brief uit Amerika

In de jaren ‘80 ontving GGD Amsterdam een brief van een Amerikaanse legerarts. Na een bezoek aan Amsterdam waren 8 soldaten besmet geraakt met hepatitis B. De vermoedelijke bron was een tattooshop in de rosse buurt.

GG&GD-medewerker Leen Stoutjesdijk ging op onderzoek uit. Hij trof slechte hygiënische omstandigheden aan: naalden die hergebruikt werden, materialen die niet goed werden gereinigd en onvoldoende bescherming tijdens het werk. Het was duidelijk dat er risico’s waren voor de volksgezondheid.

Eerste regels in Nederland

In 1987 was Amsterdam de eerste stad in Nederland met formele regels voor tatoeëren en piercen. Deze aanpak vormde later de basis voor landelijke wetgeving in 2007.

Tot op de dag van vandaag controleert de GGD Amsterdam werkwijze, apparatuur en studio’s. Tatoeëren is daardoor uitgegroeid tot een veilige en geaccepteerde kunstvorm.

Samen regels maken

In plaats van alleen te handhaven, zocht de GGD de samenwerking met tatoeëerders. Onder anderen Henk Schiffmacher werd betrokken bij het opstellen van duidelijke hygiëneregels. Er kwamen afspraken over het gebruik van wegwerpnaalden, sterilisatie, handschoenen en schone werkplekken.

Een betrokken medewerker zei later: “We wilden geen verbod, maar verbetering.” Wat begon met spanning en wantrouwen groeide uit tot een werkbare samenwerking tussen inspecteurs en tatoeëerders.

In havenstad Amsterdam kon je natuurlijk een tatoeage laten zetten.
In de jaren ‘80 ging
de GG&GD toezicht
houden op de hygiëne.

Amsterdam en tatoeages zijn al tientallen jaren met elkaar verbonden. Wat begon in havenkroegen op de Wallen groeide uit tot een creatieve industrie. Mensen laten hun verhalen en herinneringen vastleggen op hun huid. Maar achter deze kunstvorm schuilt ook een verhaal over gezondheid en toezicht.

1980 - 2000
Tatoeages en toezicht:
een bijzondere samenwerking

Over deze tijdlijn

Meer uit de periode 1980-2000

Amsterdam bestrijdt drugs- problemen met methadon, spuitomruil en respectvolle schadebeperking voor kwetsbare gebruikers.

De strijd tegen drugs

In de jaren ’80 werd Amsterdam geconfronteerd met de opkomst van aids. De GG&GD stond vooraan in de strijd tegen deze onbekende en dodelijke ziekte. Met voorlichting over veilig vrijen, samenwerking met de homogemeenschap en baanbrekend onderzoek wist de GGD een verschil te maken.

De strijd tegen aids

Eerste regels in Nederland

In 1987 was Amsterdam de eerste stad in Nederland met formele regels voor tatoeëren en piercen. Deze aanpak vormde later de basis voor landelijke wetgeving in 2007.

Tot op de dag van vandaag controleert de GGD Amsterdam werkwijze, apparatuur en studio’s. Tatoeëren is daardoor uitgegroeid tot een veilige en geaccepteerde kunstvorm.

In 1987 was Amsterdam de eerste stad in Nederland
met wettelijke regels voor tatoeëren en piercen.

Samen regels maken

In plaats van alleen te handhaven, zocht de GGD de samenwerking met tatoeëerders. Onder anderen Henk Schiffmacher werd betrokken bij het opstellen van duidelijke hygiëneregels. Er kwamen afspraken over het gebruik van wegwerpnaalden, sterilisatie, handschoenen en schone werkplekken.

Een betrokken medewerker zei later: “We wilden geen verbod, maar verbetering.” Wat begon met spanning en wantrouwen groeide uit tot een werkbare samenwerking tussen inspecteurs en tatoeëerders.

Henk Schiffmacher (2e links) voor zijn pand aan de Centuurbaan.

Het pand van Tattoo Peter aan de Nieuwebrugsteeg in het Wallengebied.

In havenstad Amsterdam kon je natuurlijk een tatoeage laten zetten. In de jaren ‘80 ging de GG&GD toezicht houden op de hygiëne.

Een brief uit Amerika

In de jaren ‘80 ontving GGD Amsterdam een brief van een Amerikaanse legerarts. Na een bezoek aan Amsterdam waren 8 soldaten besmet geraakt met hepatitis B. De vermoedelijke bron was een tattooshop in de rosse buurt.

GG&GD-medewerker Leen Stoutjesdijk ging op onderzoek uit. Hij trof slechte hygiënische omstandigheden aan: naalden die hergebruikt werden, materialen die niet goed werden gereinigd en onvoldoende bescherming tijdens het werk. Het was duidelijk dat er risico’s waren voor de volksgezondheid.

Amsterdam en tatoeages zijn al tientallen jaren met elkaar verbonden. Wat begon in haven-kroegen op de Wallen groeide uit tot een creatieve industrie. Mensen laten hun verhalen en herinneringen vastleggen op hun huid. Maar achter deze kunstvorm schuilt ook een verhaal over gezondheid en toezicht.

1980 - 2000
Tatoeages en toezicht:
een bijzondere samenwerking